Rinus Hoebeke (1905–1945)

Gepubliceerd door Palvu op

Rinus Hoebeke was aardappelboer in Haarlem en lid van de CPN. Hij had een belangrijk aandeel in de Februaristaking 1941 in de provinciehoofdstad. Ook onderhield hij contacten met de aan de kust gelegerde Sovjet-Georgische krijgsgevangen soldaten, van wie hij wapens en munitie kreeg voor het verzet.

Over zijn aandeel in de Februaristaking ‘41 schreef de Haarlemse medestrijdster Truus Menger-Oversteegen, toen 17 jaar oud:

Rinus Hoebeke, de aardappelman, groot en sterk, zette een kist piepers op de aanrecht. ‘Waar is je moeder?’
Ik haalde mijn schouders op: ‘Ze zal wel boodschappen aan het doen zijn, denk ik,’ en ik pakte de portemonnee om Rinus te betalen.
‘Nee, zo is ’t goed, ik wacht wel effe..,’ zei hij en rolde een shagje. Het was nog vroeg en mijn moeder kwam gelukkig snel.
‘Hee, Rinus,’ zei ze toen ze hem zag, ‘wat ben je vroeg, joh.’
‘Truus, hier zijn pamfletten, de grote oproep om te staken tegen de mof,’ riep hij opgewonden. Onder uit de kist aardappelen diepte hij een pak papier op. ’t Buitenste, vuile papier gooide hij in de brandende kachel.
Mijn moeder las aandachtig het stencil: ‘Zou het lukken denk je?’ vroeg ze bezorgd aan Rinus.
‘Meid, ze zullen weten, die bloedhonden, dat we er zijn!’
Hij drukte energiek zijn peukje uit.
‘Kijk, we hadden zo gedacht, als jullie nou de ateliers op de Zijlsingel nemen, en de remise en daarna de kousenfabriek van Hin, dan komen we al een heel eind. We hebben overal onze mensen ingezet. Vooral aan ’t Spaarne is een hoop werk te doen, voor de groep daar. Maar als jij met de meiden en wat andere jeugd die fabriekies inpikt schieten we al een heel stuk op.’
Hij knoopte z’n jas dicht.
‘De mazzel hoor, en eh… laat je niet grijpen.’
Hij verdween. Met het laatste doelde hij op de politie die steeds meer samen werkte met de Duitsers, de goeden niet te na gesproken.

Op 6 maart 1944 werd Rinus Hoebeke door de foute politieagent en NSB-er Fake Krist gearresteerd. Krist werd nog in oktober van dat jaar door het verzet ‘opgeruimd’.
Rinus kwam na een verblijf in het gebouw van de Duitse Sicherheitsdienst aan de Euterpestraat in Amsterdam terecht in het concentratiekamp Vught, vervolgens de gevangenis Utrecht, het Duitse kamp Dieburg, en tenslotte in de gevangenis Bernau in Beieren. Daar is hij op 15 mei 1945 aan uitputting overleden.

Rinus Hoebeke werd na de oorlog herbegraven op de erebegraafplaats in Loenen.

Bronnen: