Charilaos Florakis 1914-2005: Een standvastige Griekse communist

Gepubliceerd door Palvu op

We brengen op Palvu het verhaal van Charilaos Florakis, de secretaris-generaal van de Communistische Partij van Griekenland (KKE) van 1972 tot 1991. Het is leerzaam om de ervaringen, in de strijd om het herstel van de communistische beweging, van heinde en verre, eigen te maken.
Gezien de grote verdienste van de KKE sinds de jaren negentig, in de hergroepering van de communistische wereldbeweging, is het waardevol om met dit artikel licht te werpen op de geschiedenis van de KKE:
Charilaos Florakis speelde een sleutelrol in het overeind houden van en vasthouden aan de communistische principes van de KKE, en dat onder de nadelige omstandigheden van de contrarevolutie van 1989/1991.
Zijn verhaal is inspirerend, ook voor een Nederlands, communistisch georiënteerd publiek. Het motiveert ook ons om te werken aan het begrijpen en beschrijven van onze eigen geschiedenis. – De redactie.

Nikos Mottas / In Defense Of Communism

Op 22 mei 2005 overleed op 91-jarige leeftijd Charilaos Florakis. Van 1972 tot 1991 de secretaris-generaal van de Communistische Partij van Griekenland (KKE). Florakis’ leven en werk, vereenzelvigd met de geschiedenis en strijd van de KKE, was gewijd aan de idealen van het marxisme-leninisme.

Charilaos Florakis

Florakis werd in 1914 in Paliozoglopi, een klein dorp in Thessalië, geboren. In 1929 werd hij lid van OKNE, de Jeugd van de Communistische Partij. Als lid van OKNE, en later als student en arbeider voor de ‘TTT’ (het Post-, Telegrafie- en Telefoonbedrijf), begon hij zijn politieke leven, in een sociaal en politiek turbulente tijd voor Griekenland.

Al op vroege leeftijd, als tiener, ervoer hij de eerste indrukken van de zich voltrekkende klassenstrijd op het Griekse platteland van de jaren dertig:

“…de verwachtingen die de koers van de Sovjet-Unie gaf aan de arbeiders en de armen, gaf lucht aan de mensen die deelnamen aan de georganiseerde massa’s. Tegelijkertijd gaf de burgerlijke staat, hoewel aanvankelijk verlamd en onhandig, steeds meer tegenwerking uitmondend in het anticommunisme. De politie hield alles en iedereen in de gaten, en de leiding van de arbeidersbeweging trof maatregelen om haar activiteiten te beschermen.” (1)

Charilaos Florakis was, tijdens de moeilijke omstandigheden onder de fascistische dictatuur van Ioannis Metaxas, actief onder de arbeiders, in de vakbeweging, als telegraafwerker en als lid van het ‘TTT’-strijdcomité. Vanwege zijn vakbondswerk verhuisde hij regelmatig van dorp naar dorp. Waar hij ook kwam, probeerde de jonge Charilaos contact te leggen met ondergrondse groepen communisten.

Partizaan in EAM-ELAS en DSE

Florakis nam actief deel aan het verzet tegen de bezetting door Nazi-Duitsland. In juni 1941 trad hij toe tot de KKE. Hij behoorde tot de organisatoren van de eerste massastaking in Nazi-bezet Europa, in Athene, april 1942. In diezelfde tijd sloot hij zich aan bij EAM-ELAS (Nationale Bevrijdingsbeweging – Grieks Nationaal Bevrijdingsleger) en ging hij in mei 1942 ondergronds.

Als lid van de antifascistische bevrijdingsbeweging tijdens de Tweede Wereldoorlog nam Florakis als officier deel aan de gevechten van EAM-ELAS. Tussen 1943 tot 1945 werd hij bevorderd van kapitein tot majoor in het ELAS. Hij nam deel aan de bloedige gebeurtenissen van december 1944 tegen de Britse imperialisten en de Griekse burgerlijke regering. In oktober 1945 werd hij gearresteerd.

De strijd van het Democratisch Leger van Griekenland (DSE) tegen de krachten van de Griekse bourgeoisie en hun imperialistische bondgenoten, was het belangrijkste moment in de klassenstrijd van Griekenland in de twintigste eeuw. Charilaos Florakis had als officier in het DSE een actieve rol tijdens de burgeroorlog van 1946-1949. Eerst als luitenant-kolonel en later als generaal-majoor in 1948. In september 1949, na de nederlaag van het DSE, vertrok hij naar de Sovjet-Unie. Tussen 1950 en 1953 studeerde hij aan de Militaire Academie ‘M.V. Froenze’ in Moskou, waar hij cum laude afstudeerde.

“Kapitein Yiotis”

“Kapitein Yiotis” tijdens de partizanenoorlog

Kapitein Yioitis – zijn nom de guerre– legde zich nooit toe op “politieke correctheid”. Erom bekend de dingen bij hun naam te noemen, vertelde hij de journalist Christos Theocharatos jaren na na de oorlog:

“Ja, de burgeroorlog was onvermijdelijk. Omdat de binnenlandse en buitenlandse reactie had besloten al het patriottische en democratische verzet aan zich te onderwerpen en te vernietigen. Alleen als we erin hadden berust ons te laten arresteren, ons te laten martelen, vernederen en vermoorden, was er geen burgeroorlog geweest. Maar ook dan, zonder gewapend verzet, zou onze vernietiging dan niet een eenzijdige burgeroorlog hebben betekend? (…) De burgeroorlog was een patriottische en democratische strijd, zoals het verzet (tijdens de Tweede Wereldoorlog) dat was, en geen strijd voor een regime. Het was de voortzetting van het verzet.” (2)

Vanwege zijn politieke ideeën en activiteiten, als lid van de KKE en militante strijder van EAM-ELAS en DSE, werd Florakis vervolgd door de Griekse staat. Hij stond terecht in tal van processen en werd meermaals gevangengezet. Maar hij vond telkens de moed en transformeerde zijn pleidooien voor de rechtbank tot schitterende aanklachten tegen zijn aanklagers. In een pleidooi voor de rechtbank in de stad Larisa, april 1955, sprak Florakis:

“Communisten zijn niet zij die geen vaderland hebben. Communisten zijn eenvoudige, hardwerkende mensen, met een band met het land waar zij geboren zijn. (…) Zij die niet geloven in een vaderland en er geen hebben, zijn de plutocraten. Hun rijkdom geeft ze de mogelijkheid zich op elke plek in welk land dan ook te vestigen. De bezetting liet zien, net zoals de huidige situatie dat doet, wie een vaderland heeft, er van houdt en zichzelf opoffert voor haar vrijheid en voorspoed.” (3)

De aanklachten tegen hem, de vervolgingen, de doodsbedreigingen konden hem nooit vervreemden van zijn sterke overtuiging in het communisme, in de communistische partij, in de grote waarden waarvoor hij vocht. Tegen zijn aanklagers op het slot van een proces zei hij:

“Persoonlijk – zoals ik jullie in het begin heb gezegd – wordt ik vervuld door de grote idealen van het communisme. Er is geen macht in de wereld die mij ertoe kan dwingen daar afstand van te nemen. Want voor de verwezenlijking van het beleid van de partij, in dienst van de belangen van het volk, voor Griekenland, geef ik van harte al mijn krachten en, zonder twijfel, zelfs het meest kostbaarste bezit dat een mens heeft – mijn eigen leven…”

Charilaos Florakis zat in totaal 18 jaar vast in de naoorlogse Griekse gevangenissen van de burgerlijke staat. Hij werd gevangengezet op zijn 40ste, werd onder voorwaarden vrijgelaten op zijn 52ste en toen opnieuw gearresteerd en in ballingschap tot zijn 53ste. Hij verbleef 216 maanden, 6.570 dagen in gevangenschap. In 1972, temidden van de strijd tegen de dictatuur van het Kolonelsbewind in Griekenland, werd hij verkozen tot eerste secretaris van de, toen clandestiene, Communistische Partij en later tot secretaris-generaal van het centraal comité.

Hij was van 1972 tot 1991 secretaris-generaal en streed met heel zijn vermogen voor een communistische partij, toegewijd aan de idealen van het marxisme-leninisme, tegen elke opportunistische of revisionistische afwijking.

Een standvastig tegenstander van het revisionisme

Florakis’ rol en houding tegenover het opportunisme was in het bijzonder doorslaggevend tijdens de contra-revolutionaire omwentelingen van 1989–1991 in de Sovjet-Unie en Oost-Europa. Aleka Papariga, die hem opvolgde als secretaris-generaal van de KKE, beschreef zijn rol als volgt:

“Ons staat levendig voor ogen, de doorslaggevende bijdrage van Charilaos Florakis, in 1990, in de uitgebreide vergadering van het centraal comité, voor het 13e congres in 1991. Ter verdediging van het socialistisch stelsel. Zijn heldhaftige houding tegenover de ‘bergen aan leugens’ over het socialisme en de socialistische ideologie. Hij had – juist in die extreem moeilijke en sombere dagen – de rotsvaste overtuiging dat de wereld zal veranderen, dat het socialisme zal overwinnen. Het is niet makkelijk om ‘tegen de stroom in’ te gaan. Het is niet makkelijk om overeind te blijven, als anderen wankelen en omvallen. En, meer nog, om nieuwe wegen in te slaan.” (4)

Charilaos Florakis bleef een consequente aanhanger van de belangrijke verworvenheden van de socialistische opbouw in de twintigste eeuw. Toen eurocommunisten en revisionisten de contrarevolutionaire gebeurtenissen in de Sovjet-Unie, begin jaren 1990, met applaus begroetten, bleef Florakis een ferme verdediger van de ideologische erfenis van Marx, Engels en Lenin. Hij begreep dat de contrarevolutie een stap terug was voor de internationale communistische beweging, maar hij was er ook sterk van overtuigd dat dit niet “het einde van de geschiedenis” was.

“Dus, zo gezegd, is de omverwerping in Oost-Europa een ‘triomf van de democratie’! (Ironisch gesproken). Maar, welke krachten zijn er versterkt met deze ‘triomf’? De ware democratische krachten of de krachten die, in naam van de democratie, zich letterlijk tegen het socialisme keerden? ‘Triomf van de democratie’ met een verbod op de communistische partij! ‘Triomf van de democratie’ en nieuwe manieren van interventies door het imperialisme! ‘Triomf van de democratie’ met werkloosheid, ellende, honger en misdaad!” (5)

Charilaos Florakis nam geen genoegen met de theorie van het zogenaamde “einde van de geschiedenis” van prominente burgerlijke analisten en theoretici, zoals Francis Fukuyama. Florakis zei daarover:

“Ondanks de metafysische inhoud [van het argument van het “einde van de geschiedenis”] kan het de realiteit niet veranderen. En de realiteit toont aan, dat, met het opheffen van de Sovjet-Unie, de tegenstellingen van het kapitalisme niet zwakker, maar sterker worden (…) Noch het kapitalisme is voor eeuwig, noch het einde van het communisme is gekomen, om de simpele reden dat de mensen zich niet afkeren van de visie op een rechtvaardige maatschappij en geen afstand doen van de strijd voor het socialisme.” (6)

‘Rizospastis’, 24 mei 2005.

Charilaos Florakis, 1914-2005

Charilaos Florakis overleed op 22 mei 2005 in Athene, in de leeftijd van 91 jaar. Zijn begrafenis werd bijgewoond door duizenden mensen, leden en vrienden van de KKE, communisten en niet-communisten, jonge en oude arbeiders, mannen en vrouwen. Naar zijn laatste wens werd hij bijgezet in Agios Ilias, een stille plek in de bergen omgeven door bossen, dichtbij zijn geboortedorp, Paliozoglopi.

Florakis was één van de belangrijkste persoonlijkheden in de Griekse en Europese communistische beweging van de twintigste eeuw. Een strijder, een leider, een buitengewone persoonlijkheid, maar bovenal, een standvastige communist die tot het einde toe trouw bleef aan zijn ideeën.

In een toespraak in 1989, in de leeftijd van 75 jaar, sprak Charilaos:

“Als ik, zoals Faust, mijn leven opnieuw kon beginnen, wat zou ik dan doen? Ik zou opnieuw communist worden en opnieuw strijden voor een betere wereld, en, opnieuw, zou ik strijden – met meer of minder fouten, dat doet er niet toe – voor het vaderland, voor democratie, voor sociale rechtvaardigheid, voor socialisme.”

In eeuwige herinnering, kameraad Charilaos Florakis.

Bron:
In Defense of Communism, ‘Charilaos Florakis Remembered: The story of a Greek communist leader’, 22 mei 2020 (http://www.idcommunism.com/2020/05/charilaos-florakis-greek-communist-leader.html?m=1)

Voetnoten:
1, 2, 3: Theocharatos, Christos. Charilaos Florakis and Popular Movement. Vol.I, Typoekdotiki. Athens, 2001.
4: Farewell speech by the CC of the KKE, 24 May 2005.
5, 6: Theocharatos, Christos: Charilaos Florakis, The Popular Leader. Vol. II, Typoekdotiki. Athens, 2001.